
Je zag het bot en de pezen
Klimmer Werner Hofmans verloor bij verbouwingen in klimzaal Hungaria twee vingers. Met de kracht van acht vingers werkte hij vol doorzettingsvermogen aan zijn revalidatie.
Als kind al vond Werner (39) de rotsen in de bergen interessanter dan de wandelpaden. Zijn leven draait rond klimmen. Nadat hij op zijn vijftiende lid werd van klimvereniging VBF groeide de liefde snel. In het begin ging het wat langzaam, maar eens hij wat beter werd en meer mensen begon te kennen was hij niet meer van de rotsen weg te slagen.Een paar weken voor zijn achttiende verjaardag klom hij zijn eerste 8a, een niveau waar vele klimmers alleen maar van kunnen dromen. ‘Mijn eerste 8a was in Cimaï. Alec Bronitz was me een weekje voor met zijn eerste 8a maar dan te Buoux. Samen waren we de eerste twee Belgen ooit die voor hun achttiende verjaardag al een 8a geklommen hadden en dat was dus op Belgisch niveau best wel een prestatie,’aldus Werner Hofmans. Zijn mooiste klimervaringen beleefde Werner in 1991 met Werner Van Steen in Ceüse (Franse Alpen) waar hij voor het eerst twee maanden naar het buitenland ging enkel en alleen om te klimmen, en dat in een periode dat hij op zeer hoog niveau aan het klimmen was. Werner maakte van zijn hobby zijn beroep door in 1996 uitbater te worden van klimzaal Hungaria in Leuven die in 1990 was opgericht door Dirk Schampaert, Jo Wuytack en Anne Evers.
Geluk bij een ongeluk
Vorig jaar vierde klimzaal Hungaria zijn 20-jarige bestaan. Een ideaal moment om ook wat vernieuwingen door te voeren. In al die jaren is de interesse voor klimmen enorm toegenomen en de zaal werd veel te klein voor het aantal klimmers. En dus begonnen de drie huidige bazen - Werner, Dirk en Jo - twee jaar geleden met verbouwingen. Om een tweede zaal bij te creëren moesten dikke betonnen welfsels uit het plafond gehaald worden om meerdere verdiepingen tot één grote zaal te maken. Op 15 januari 2010 was Werner hiermee bezig toen een betonblok sneller viel dan verwacht. ‘Ik kon me niet op tijd wegtrekken en kreeg een grote betonblok op mijn hand, met een crashtrauma van de rechterhand tot gevolg,’ aldus Werner Hofmans.‘Ik ben meteen opgenomen in spoed en moest de eerste avond al 10 uur aan operaties ondergaan,’ beschrijft Werner. In eerste instantie werd er aan plastische botreconstructie gedaan. Hiervoor hebben 3 teams van artsen het van elkaar overgenomen want 10 uur opereren zonder pauze is natuurlijk niet haalbaar. In diezelfde week hebben de dokters nog vier operaties gedaan om nog kleine aanpassingen te maken. ‘De hand was gelukkig het enige wat geraakt werd, het kon veel erger zijn!’ Nochtans tonen de eerste foto’s geen mooie beelden en zal Werner het vanaf nu moeten stellen zonder wijs- en middenvinger aan zijn rechterhand.
‘Meteen na het ongeval zei ik aan mijn collega’s dat ik na twee weken terug in de klimzaal zou staan, dat is wel wat anders gelopen,’ vertelt Werner. De eerste vijf operaties waren nog niet genoeg. Er bleef een stuk weefsel bloot liggen dat de dokters nog niet konden bedekken. ‘Twee maand lang heeft dat gedeelte van mijn hand nog open gelegen waardoor je het bot en de pezen zag.’ Werner bleef anderhalve maand in het ziekenhuis. Toen mocht hij even naar huis om niet veel later weer opgenomen te worden om eindelijk dat gedeelte van de hand dat nog open lag, dicht te maken. ‘Ze hebben daarvoor een spier van mijn bovenarm weggenomen en die over mijn vingers gelegd. Daarna heeft het nog 7 maand geduurd voor de wonde volledig dicht was.’
De passie voor het klimmen is te groot om me door dit ongeluk te laten stoppen
Werners hand moest de eerste maanden twee keer per dag verzorgd worden. Eens hij thuis was kwamen er daarvoor ’s ochtends en ’s avonds verplegers van het Wit-Gele Kruis. De verzorging was niet zo moeilijk dus na verloop van tijd is Werner dit steeds meer zelf gaan overnemen. Naast het gewone verzorgen van de wonde kwam er ook nog kinesitherapie bij. Daar werd niet meteen mee gestart, omdat er eerst nog wat pezen moesten gelegd worden. ‘Eens de kiné begonnen was kon dat ook nog steeds niet altijd, omdat er nog steeds operaties waren, waarvoor dan soms een paar dagen rust nodig was. Eigenlijk is de kiné pas echt intensief begonnen toen de wonde volledig genezen was,’ aldus Werner.
Terug naar de klimzaal
Na iets minder dan drie maand is Werner weer gaan werken in klimzaal Hungaria. Als zelfstandige kan je het jezelf niet permitteren om te lang afwezig te zijn vindt hij. ‘Zo ben ik ook niet ingesteld, ik wou zo snel mogelijk weer bezig zijn! Dat het werk me ook terug bracht naar de plaats van het ongeval viel wel mee. Tegen de tijd dat ik terug kwam, waren de werken in dat deel van het gebouw gelukkig afgerond. Aan de verbouwingen beneden heb ik toch alweer mee geholpen dus dat viel mentaal wel mee. Het hielp me ook mijn zinnen te verzetten.’
‘Ik wou liefst zo snel mogelijk weer beginnen sporten, maar gezien de ernst van het ongeval was dat natuurlijk niet zo snel als ik gehoopt had. Ik heb gewacht op groen licht van de chirurg, maar die wist eigenlijk niet goed wat klimmen inhoudt. Hij merkte wel dat hij me niet kon tegen houden,’ lacht Werner. De chirurg liet Werner terug starten met klimmen omdat hij vond dat Werner zelf goed genoeg kon inschatten hoe ver hij kon gaan. Zolang de hand niet te snel zwaar belast werd was het goed. ‘In het begin was het frustrerend. Er moesten nog een aantal operaties gebeuren dus ik wist dat ik wel een beetje kon trainen, maar echt iets opbouwen was onmogelijk. Pas negen maanden en tien operaties na het ongeluk kon ik echt beginnen trainen,’ aldus Werner.
Hij boekte redelijk snel vooruitgang. Een jaar na het ongeval kan je hem in de klimzaal alweer routes zien klimmen die sommige klimmers nooit zullen uitklimmen. Elke keer opnieuw als iemand hem voor het eerst ziet klimmen sinds het ongeluk komen er verbaasde reacties over de snelheid waaraan hij verbetert. Zijn eerste weken aan de muur beschrijft Werner als volgt: ‘In het begin verwachtte ik heel weinig. Ik was blij als ik me wat kon tegenhouden met mijn gekwetste hand en voor de rest mijn gezonde hand kon gebruiken. Maar het ging beter als verwacht. Ik kon redelijk wat kracht zetten op de twee vingers die ik nog had – een duim wordt niet veel gebruikt bij het klimmen – en na 2 maand klimmen ben ik alweer bezig in een 6c.’ Toch speelt ergens in Werners achterhoofd toch steeds dat wat hij nu klimt niets is vergeleken met de 8b+ die hij voor het ongeval klom. Zolang er vooruitgang is, blijft zijn motivatie echter leven.
Gezien van waar ik kom, mag ik blij zijn dat ik alweer aan het klimmen ben

‘Tot hier ging de opbouw snel maar ik denk wel dat het vanaf nu veel trager gaat gaan. De routes worden moeilijker en er zijn niet altijd mogelijkheden om bepaalde punten waar ik met de beperkingen van mijn hand niet voorbij kom, op een andere manier te klimmen,’ verwacht Werner. In klimmen is het een gekend fenomeen: de eerste maanden verbeter je in hoog tempo. Op een bepaald punt aangekomen gaat dat minder omdat je spieren moet aankweken en techniek bijleren. In dit geval ligt het een beetje anders want de techniek is Werner nooit verloren. Hij moet proberen zijn techniek aan te passen aan het kunnen van zijn rechterhand en daarnaast ook de kracht in dat hand terug krijgen. Vroeger was Werner niet zo’n fan van de technische routes. Je zag hem veel meer genieten van de routes waarvoor kracht nodig was, hoe meer overhangen – stukken rots of muur waar je horizontaal klimt met je gezicht naar boven, in plaats van op een verticale wand – hoe liever. Nu gaat dat soort routes nog veel minder goed door het ontbreken van kracht van de twee belangrijkste vingers voor een klimmer. Toch probeert hij de uitdaging aan te gaan en overhangende wanden op te zoeken.
Doorzetting
‘Ik kan me voorstellen dat veel mensen de moed zouden laten zakken en in hun zetel blijven. Zo was ik vroeger niet en zo zal ik waarschijnlijk ook nooit worden. De passie voor het klimmen is ook te groot om me door dit ongeluk te laten stoppen,’ zegt Werner kordaat. Ook de dokters zijn positief. Ze stellen hooguit nog een ingreep voor om het hand er iets mooier te laten uit zien, maar dat vindt Werner niet nodig. De dokters zijn tevreden van hun werk. Ze hadden nooit verwacht dat Werner nog zou klimmen. ‘Ze waren al enthousiast dat ik terug een pen kon vasthouden, en kijk waar ik nu sta!’
Het leven van een klimmer Een (sportieve) biografie van Werner Hofmans in een notendop
- °3 juli 1971
- Studie: hotelschool
- Beroep: Zelfstandig zaakvoerder klimzaal Hungaria Leuven
- Vader van 2 kinderen
- Competitieklimmer van 1989 tot 1995, zowel nationaal als internationaal (Duitsland, Frankrijk, Japan)
- Hoogst behaalde niveau: 8b+
- Huidig klimniveau: 6c à 7a
- Concentreert zich niet specifiek op 1 tak van het sportklimmen; rotsklimmen en muurklimmen wisselen elkaar venwichtig af
|
Prothese als doelpaal Sporten met een fysiek gebrek kan volgens Koen Dewit (27) die al sinds zijn geboorte door het leven gaat zonder rechteronderarm. ‘Ik sport heel veel,’ aldus Dewit ’het ontbreken van onderarm en ellebooggewricht zijn daarbij geen hindernis. De sporten die ik wil beoefenen kan ik ook beoefenen. Dat ik bijvoorbeeld niet zo snel kan zwemmen maakt me niet veel uit, ik kan zwemmen en dat is genoeg. Toen ik als tiener nog droomde van een toekomst als topvoetballer kwam het wel hard aan als ik te horen kreeg dat ik nooit verre passes zou kunnen geven. Achteraf bleek dat echter meer aan mijn lengte te liggen want nu heb ik daar geen enkel probleem meer mee. Handsballen werden door de scheidsrechters dan weer meermaals door de vingers gezien. Ik gebruik weinig hulpmiddelen om te sporten. Toen ik vanaf het vierde leerjaar mijn prothese gebruikte als doelpaal op de speelplaats was dat voor mijn ouders een signaal om ook nooit meer een prothese aan te schaffen. Nu is het enige sportmiddel dat ik heb laten aanpassen mijn fiets. Een stang op mijn stuur waarin mijn rechterarm kan rusten helpt me evenwicht te houden, mijn versnellingen zitten aan één kant en ook voor en achterrem bedien ik met één hendel. Die is zo afgesteld dat de achterrem iets eerder gaat dan de voorrem. Anders zou ik al heel wat tuimelingen gemaakt hebben. |
(foto's: collectie Werner Hofmans)