pro
 | | ‘Ik ging werken om stress te vermijden’ |
Dirk Smitz (56) ging na zijn hartinfarct liefst zo snel mogelijk weer voltijds werken : ‘Na mijn hartinfarct kreeg ik drie weken ziekteverlof met de intentie om de periode nog te verlengen. Ik heb echter gekozen om al meteen voltijds te gaan werken. Als ik te lang wegbleef zou de stressfactor voor mezelf te hoog gebleven zijn omdat er een onderbemanning is op het werk en ik wist dat er geen onmiddellijke back-up was voor het werk dat ik doe. De projecten waaraan ik bezig was zouden sowieso vertraging oplopen wat in een uitgeverij rampzalig kan zijn. Ik geef schoolboeken uit, als die boeken er in september niet zijn mis je een heel academiejaar aan inkomsten. Ik moest er dus voor zorgen dat mijn auteurs en redacteurs verder konden werken. Ik heb een week gewerkt en dan weer twee weken vrij genomen. Die week was eigenlijk nog te weinig. Het was druk want ik moest tegelijk werk inhalen en zorgen dat mijn collega’s weer verder konden in de weken erna. Daarnaast had ik ook schrik dat ik te snel weer was begonnen en een nieuw infarct zou krijgen. Moest ik die week niet gaan werken zijn, had ik thuis geen rust gevonden. Toen ik na mijn twee weken verlof definitief terug kwam, voelde ik me goed. Het zwaarste was dat iedereen rond me zei dat ik het rustig aan moest doen, maar tegelijk ook aan mijn mouw trok om de omzet te halen. Gelukkig kon ik twee voormiddagen per week naar de cardiale revalidatie zonder dat ik daarvoor vrij moest nemen. Ik bleef dan wel de avonduren doorwerken, maar het sporten deed me deugd. Ook de dokters waren positief. Zij vroegen eigenlijk alleen hoe ik me voelde. Het ging goed dus kreeg ik de raad om gewoon verder te doen zoals ik bezig was. Mijn gezin was bezorgd dat ik meteen weer zo’n lange dagen werkte. Dat mijn werk klaar was, zorgde er echter voor dat ik minder stress had waardoor de kans op een nieuw hartinfarct verkleinde.’ | contra
 | | ‘Het ging te snel voor mijn lichaam’ |
Steven Verbanck (26) bouwde de arbeidsduur rustig op om zijn lichaam tijd te geven om te herstellen. ‘Na mijn skiongeval op 13 maart 2009, waarbij ik een open beenbreuk opliep, moest ik meerdere operaties ondergaan. Daarna was ik gedwongen om 4 maanden platte rust te nemen, gecombineerd met dagelijkse kinesitherapie. Het ongeval was op een bedrijfsreis gebeurd dus zowel de werkgever als mijn collega’s wisten hoe zwaar het ongeval was en dat ik niet meteen terug zou zijn. De extra werkkracht misten ze wel. Na vier maanden, toen alle verdovende medicatie afgebouwd was, begon ik weer te werken van thuis uit. In het begin was dit maar een of twee uurtjes per dag. Op die manier heb ik de mails die de voorgaande 4 maanden binnen waren gekomen bijgewerkt. Eens ik terug kon rijden ben ik terug op het bedrijf gaan werken. In het begin ging ik vier dagen per week drie uur naar het bedrijf, daarna heb ik dat gestaag opgebouwd,soms te snel en dan moest ik weer even minder werken. Als ik te lang werkte ging het been weer opzwellen en infecties vertonen, of verminderde mijn concentratie. Na vier maanden thuis zitten moest ik mijn lichaam de tijd geven om weer op krachten te komen. Ik had geluk dat mijn werkgever me dat gunde. Door geleidelijk aan meer te gaan werken kreeg ik de tijd om mijn lichaam te laten recupereren en kon in de namiddag naar de kinesist. Tegelijkertijd was ik toch weer aan het werk. Het enige nadeel was dat ik nooit dingen kon afwerken. Een opdracht was nooit af op drie uur en ik moest het steeds doorgeven aan mijn collega’s zodat zij het dan in de namiddag verder konden werken. Daardoor hadden mijn klanten geen vast aanspreekpunt en dat vond ikzelf een groot minpunt. Ook kreeg ik nooit feedback op mijn werk, omdat het afgewerkt was door andere collega’s. Toch is het rustig aan doen op het werk de beste manier om te herstellen.’ |
Geen opmerkingen:
Een reactie posten